Wanneer u lijdt aan één van volgende ziektes of nabestaande bent van een slachtoffer van één van deze ziektes kan u een beroep doen op het Asbestfonds.

MESOTHELIOOM

Een mesothelioom is een kwaadaardige tumor van het borstvlies; het buikvlies of het hartzakje. Het is een zeldzame ziekte, maar mensen die werden blootgesteld aan asbest hebben meer kans om de ziekte te krijgen. In ons land kan meer dan 80% van de gevallen aan asbest worden toegeschreven. In de meeste gevallen gaat het om een beroepsblootstelling uit het verleden. Er is geen verband met roken. Het duurt gemiddeld zo’n veertig jaar voor de blootstelling aan asbestvezels een mesothelioom uitlokt. Er bestaat voorlopig nog geen genezende behandeling.

ASBESTOSE

Asbestose is een ziekte waarbij er littekenweefsel ontstaat in de longen. Een patiënt met asbestose ervaart ademhalingsmoeilijkheden. De ziekte treft bijna uitsluitend mensen die door hun beroep in contact kwamen met asbest. Ze ontstaat doorgaans zo’n tien à twintig jaar na het begin van een sterke of belangrijke beroepsmatige blootstelling. Er worden in België nog maar weinig nieuwe gevallen van asbestose gediagnosticeerd.

 

Voor erkenning door het Asbestfonds is een bepaalde blootstelling aan asbest vereist (ten minste 25 vezeljaren, zoals beschreven in het koninklijk besluit van 28 maart 1969 houdende vaststelling van de lijst van beroepsziekten die aanleiding geven tot schadeloosstelling en tot vaststelling van de criteria waaraan de blootstelling aan het beroepsrisico voor sommige van deze ziekten moet voldoen).

STROTTENHOOFDKANKER

Een strottenhoofdkanker is een kwaadaardige tumor die zich kan ontwikkelen vanuit verschillende delen van het strottenhoofd (de larynx), maar die voornamelijk  de stembanden treft. De twee belangrijkste risicofactoren voor strottenhoofdkanker zijn roken en alcoholgebruik. Asbest is eveneens bekend als risicofactor, doch het verband is minder sterk.

Voor erkenning door het Asbestfonds is, zoals voor asbestose, een blootstelling van ten minste 25 vezeljaren vereist. Zulke blootstellingen deden zich bijna uitsluitend voor bij personen die beroepshalve met asbest hebben gewerkt. Omgevingsblootstellingen van dezelfde omvang zijn nauwelijks bekend.

LONGKANKER

Deze term omvat alle kwaadaardige primaire tumoren van de longen en de ademhalingswegen. Met ‘primair’ wordt bedoeld dat het wel degelijk een kanker van het longweefsel  betreft, geen uitzaaiing van een andere kanker. Longkanker wordt vooral veroorzaakt door roken. Maar rokers die ook asbestvezels hebben ingeademd, lopen nog een groter risico om de ziekte te krijgen. Het duurt doorgaans tien à twintig jaar – of langer – voor sigarettenrook en asbest longkanker veroorzaken.

Wat de blootstelling betreft, worden dezelfde eisen gesteld als voor asbestose en strottenhoofdkanker (25 vezeljaren). Dat betekent dat een longkanker – in de praktijk – enkel voor vergoeding in aanmerking zal komen als er sprake is van een duidelijke beroepsblootstelling in het verleden.

BILATERALE DIFFUSE PLEURAVERDIKKINGEN

Diffuse pleuraverdikkingen worden gevormd door littekenweefsel in het longvlies. De ziekte is in principe specifiek voor een asbestblootstelling, maar er bestaan enkele uitzonderingen: ze kan ook het gevolg zijn van bijvoorbeeld een vroegere infectie (pleuritis) of van een heelkundige ingreep op de borstkas. Wanneer pleuraverdikkingen in beide longen voorkomen, hebben ze een grotere kans in verband te staan met een asbestblootstelling.